Maine Coon Cattery Alissa

Maine Coon

Home

Over ons/About us

Kater/Males

Poezen/Females

Kastraten/Neuters

Kittens

Planning/Plans

Kittengalerij/Kittengallery

Polydactyl/ Polydactyle

Laatste nieuws/News

Links

Showresultaten/Showresults

Contact



De Maine Coon is een grote, sterke en actieve kat die lief en aanhankelijk is voor “zijn” mensen. Hij kan goed opschieten met kinderen en gaat bovendien sociaal om met soortgenoten en honden.

Speels blijven ze ook als ze volwassen zijn. De meesten vinden apporteren een heel leuk spelletje. De Maine Coon is gek op water het liefst zo uit de kraan.

Tegen het eind van de 19de eeuw waren de Maine Coons aan de Oostkust van Noord Amerika wel bekend. De soort was o.a. te zien op de eerste kattententoonstelling in New York in 1860. De belangstelling verdween langzaam tot in 1953 de Maine Coon Cat Club werd opgericht. Maar lang voor de oprichting hielden de boeren deze kat al. Het was hun lieveling, de schrik van de muizen en andere knagers en de beschermer van de oogst op het veld.

De boeren waren er van overtuigd dat het geen gewone kat kon zijn. Dit kwam door de wasbeerachtige tekening, de ruige staart en de opvallende halskraag. Daarom noemden ze het ras Maine Coon, een kat uit de Staat “Maine” en “Coon” als afkorting van “Racoon” wat “Wasbeer” betekent. Biologisch is verwantschap echter niet mogelijk.

Thans heeft men een andere mening. Men neemt aan dat het ras is ontstaan uit een kruising uit de eerste Angora’s, waarschijnlijk ingevoerd door zeelieden uit New England en kortharige huiskatten. Door natuurlijke selectie en het ruige klimaat is het ras gevormd tot wat het nu is.

Op 1 mei 1976 werd het ras erkend door Amerika’s grootste organisatie op het gebied van raskatten de C.F.A. [Cat Fanciers Association].

Duitsland was het eerste land in Europa waar de Maine Coon geïntroduceerd werd door daar gelegerde Amerikaanse soldaten. In Nederland werd de eerste Maine Coon geïmporteerd in 1983. Ze werden op 1 januari 1984 erkend door de F.I.F.E. [Fédération Internationale Féline].

De katten zijn ruig van vacht, robuust van bouw en voldoende gehard om zelfs de strengste winter goed door te komen. Ze zijn een van de grootste rassen qua omvang. Poezen wegen over het algemeen 4 à 5 kilo en voor katers is een gewicht van 7 à 8 kilo heel normaal.

De vacht is lang en golvend, nogal zwaar en ruig, kort op de schouders en lang op de buik en staart met een volle behaarde broek. Door het haar tussen de tenen hebben ze een soort “sneeuwschoenen” waardoor ze niet wegzakken in de sneeuw.
Met hun goed ontwikkelde kraag die de betrekkelijk lange, tamelijk vierkante kop enigszins compenseert alsmede door de opvallende oorpluimen is de Maine Coon een even fraaie als sterke kat.

De Maine Coon wordt in alle mogelijke vachtkleuren en patronen gefokt alleen “chocolate”, “lilac” en Siamese aftekening mogen niet voorkomen.

Het ras lijkt qua uiterlijk het meest op de Noorse Boskat of de Norsk Skaukatt, echter kennen ze een paar verschillen. De vacht verhaart niet zo in de zomer als bij de Noorse Boskat, de kop van de Maine Coon is vrij vierkant, bij de Noorse Boskat is deze meer driehoekig van vorm. Ook de poten zijn verschillend. Bij de Maine Coon zijn ze even lang maar bij de Noorse Boskat horen de achterpoten iets langer te zijn.

De vachtverzorging is heel eenvoudig. Eén keer in de week een kambeurt is voldoende. Het zijn gezellige huisgenoten, worden graag aangehaald en ze zijn vriendelijk tegen iedereen en daarom echte gezinskatten. Bij zo’n robuust type hoort een zacht en lief stemmetje wat veelvuldig gebruikt wordt tegen de mens en mededier.

 

Maine Coon Cattery Alissa